Maak je eigen fotoverhaal

Toegevoegd door Ludo Joosen op 10.08.2011
Artikel

Misschien een idee voor als je op zoek bent naar een andere aanpak voor een groepstaak of een vakoverschrijdend project. Waarom laat je de leerlingen eens niet een fotoverhaal in elkaar steken?

Een fotoverhaal is een beetje als een tekenstrip: je plaatst een aantal foto’s op een pagina en combineert dat met een beetje tekst.

Een van de voordelen aan een fotoverhaal is dat je er niet veel materiaal en kennis voor nodig hebt: een digitale camera en een programma als Word volstaan.

Stap 1: verdeel de klas in groepjes. Minimaal moet je rekenen op vier à vijf leerlingen per groep. Maak de groepjes ook niet te groot.

Stap 2: bepaal het thema van het fotoverhaal. In principe kan je vertrekken van een bestaand verhaal, een fragment uit een roman, een scene uit een toneelstuk… Maar net zo goed kan je aansluitend op een of ander project de leerlingen een eigen verhaal laten uitwerken. Op onze school werken de leerlingen van 5GWW een milieuweek uit. Zij zouden een fotoverhaal kunnen maken rond energiebesparing op school of rond zwerfvuil in de omgeving, …  Geef de leerlingen in ieder geval voldoende tijd om zich te informeren rond het onderwerp dat ze gekozen hebben.

Laat ons verder werken van dit uitgangspunt, de leerlingen werken dus een eigen verhaal uit.

Stap 3: bepaal voor wie je het fotoverhaal gaat uitwerken. Traditioneel presenteren onze leerlingen van 5GWW hun projectwerk aan de klassen van de tweede graad ASO.

Stap 4: werk het verhaal uit in tekst. Zorg dat het begin (expositie: wat is het probleem) en het einde (de oplossing voor het probleem) duidelijk geformuleerd zijn. Analyseer de probleemstelling. Welke aspecten ga je behandelen? Hoe kan je die aspecten uitbeelden? Waar vind je voorbeelden?

Stap 5: het verhaal wordt geënsceneerd. Welke personages voorzien we? Welke ruimten hebben we nodig? Welke attributen? Hoe zijn de personages gekleed op welk moment? Welke praktische problemen moeten we zoal zien op te lossen?

Laat de leerlingen discussiëren over hoe ze het personage zien, welk verleden draagt het personage mee, welke idealen heeft het personage? Niet al deze informatie moet verwerkt worden in de dialogen, maar het helpt om het personage levendiger en realistischer te maken, zodat het totale werk ook een betere kwaliteit gaat uitstralen. Als je verhaal zich over een tijd uitstrekt is het normaal dat de personages bij verschillende scenes verschillende kleren dragen.

Het resultaat hiervan is dat het verhaal omgezet wordt in een draaiboek. De actie wordt verdeeld in een aantal scenes, en per scene worden een aantal opnames voorzien. In de praktijk zal je waarschijnlijk ergens tussen de dertig en de zestig foto’s nodig hebben. Laat de leerlingen alvast een paar extra opnamen maken. Het zal moeilijk worden om op een later moment opnieuw opnamen te gaan maken met dezelfde kostumering.

Stap 6: foto’s maken.  Op dit moment hebben de leerlingen duidelijke keuzes gemaakt. Er zijn de personages, er is een fotograaf, er is een regisseur, al kan de fotograaf af en toe ook een personage zijn en mag ook de regisseur af en toe even op de voorgrond treden. Snapshots leveren over het algemeen een meer levendig resultaat, maar als je niet over het goede materiaal beschikt (camera, extra-belichting), zouden de foto’s wel eens wazig kunnen uitvallen. Laat de leerlingen elke opname onmiddellijk controleren en desnoods een nieuwe opname maken. Vermijd dat met flash gewerkt moet worden, tenzij als invul-flash om de schaduwen in een close-up te verzachten.

Stap 7: de dialogen uitschrijven (al zou je de dialogen ook al kunnen verwerken in stap vijf, op het moment dat je het draaiboek uitwerkt). Je hebt nu een volledig beeld van wat er visueel beschikbaar is. Bijgevolg kan je ook beginnen denken aan de titelpagina van het fotoverhaal.

Stap 8: het fotoverhaal uitwerken. Je zou hierbij gebruik kunnen maken van het programma Comic Life, maar je kan ook werken zonder dat je extra kosten moet maken met behulp van software waar je al over beschikt: Microsoft Word (of Microsoft PowerPoint) en software die je gratis kan downloaden (Irfanview).

Irfanview is software waarmee je foto’s kan bewerken en een van de mooie eigenschappen is dat het batch-processing ondersteunt. Als je alle foto’s die je wil gebruiken in het verhaal in een map opslaat, kan je met een enkele handeling al die foto’s meteen op de juiste grootte brengen.

Stel dat we op een A4-pagina rijen willen voorzien, met op elke rij plaats voor twee foto’s. Een eenvoudig rekensommetje leert ons dan dat we de foto’s 7 cm breed kunnen maken. Dat levert een hoogte op van 4,7 cm, dus kunnen we op een pagina vier of vijf rijen met foto’s voorzien. Voor vijf rijen zal je de marges boven- en onderaan misschien een beetje moeten aanpassen.

Als je in landscape werkt kan je drie foto’s van 8 cm voorzien (hoogte 5,4 cm), dus ruimte voor drie rijen.

Start Word en voeg een tabel in met het gewenste aantal kolommen en rijen. Selecteer de hele tabel en klik met de rechtermuisknop. Kies Tabeleigenschappen en stel de rijhoogte voor alle rijen in op een vast aantal centimeter.

Voeg de eerste, op maat gebrachte foto in, breng d.m.v. de tekenmogelijkheden van Word tekstballonnen e.d. aan, vul de nodige tekst in, en herhaal dit totdat je alle foto’s hebt overgebracht. Sla op geregelde tijdstippen je werk op.

Stap 9: probeer feedback te krijgen van een testgroep (leerlingen uit een andere klas, leraars van andere vakken) en tracht die feedback te verwerken in de presentatie.

Stap 10: publiceer je werk (waarom vraag je de directeur niet of je het op de schoolwebsite mag plaatsen?).

Voor stap 8, het eigenlijke uitwerken kan je je laten bijstaan door een collega ict en waarom zou je de collega fysica of esthetica niet bij het project betrekken voor het aspect fotografie?

Vanzelfsprekend gaat dit project wat tijd vergen, maar mits een goede planning kan je het over een grotere periode uitspreiden en kan je de leerlingen laten verder werken aan het project als je toevallig eens een paar minuten over hebt aan het einde van de les.


Meld aan of registreer om dit leermiddel volledig te bekijken

Registreren vraagt maar één minuut.
Leraren delen lesmateriaal en -inspiratie met jou
  • gratis lesmateriaal;
  • voor alle leeftijden en vakken;
  • makkelijk doorzoekbaar op lesonderwerp.
Registreer   Veilig en gratis
Je bent al lid? Meld aan
Niveau en vak
Lager   3e graad
NederlandsICT
ASO (en 1A)
BSO (en 1B)
KSO
TSO
InformaticaGedrags- en cultuurwetenschappenMedia en Communicatie + Sociale vaardighedenDuitsEngelsNederlandsFrans
Categorie
Praktijkvoorbeeld/verhaal
Trefwoorden
beeldstripcreatiefdigital storytellingfotofotografiefotoverhaalgroepswerkict-integratieprojectstriptalen