Werkwoorden vervoegen in de tegenwoordige en verleden tijd

Toegevoegd door Elien Vansieleghem op 16.12.2015
Downloadbaar lesmateriaal

De leerling moet de onderstreepte werkwoorden in de juiste kolom plaatsen. Hij gaat eerst na of het om een persoonsvorm gaat. Nadien probeert hij te achterhalen of het om een werkwoord in de verleden tijd of de tegenwoordige tijd gaat. Staat het werkwoord in het enkelvoud of in het meervoud? Is er sprake van klankverandering (bij de verleden tijd) of niet?

De correctiesleutel is ook toegevoegd bij dit document.


Meld aan of registreer om dit leermiddel volledig te bekijken

Registreren vraagt maar één minuut.
Leraren delen lesmateriaal en -inspiratie met jou
  • gratis lesmateriaal;
  • voor alle leeftijden en vakken;
  • makkelijk doorzoekbaar op lesonderwerp.
Registreer   Veilig en gratis
Je bent al lid? Meld aan

3 redenen om lid te worden van het grootste lerarennetwerk van Vlaanderen

Door en voor leraren

Bijdragen van mensen uit de praktijk. Je hoeft niet te delen om KlasCement te gebruiken.

Vind snel wat je zoekt

Filter snel en gemakkelijk op leeftijd, leergebied of het soort materiaal wat je zoekt.

Gratis en veilig

Gratis dienst van het Departement Onderwijs en Vorming. Geen kleine lettertjes.
Vak en niveau
Nederlands
Lager 3de graad
Categorie
Klasactiviteit (taak, oefening in de klas)
Trefwoorden
klankveranderingtegenwoordige tijdverleden tijdvervoegenwerkwoordwerkwoorden vervoegentalen