Spelling : Confusing words

In deze tekst moeten leerlingen de juiste spelling kiezen. Het gaat om woorden waarvan de spelling verwarrend kan zijn, zelfs voor 'native speakers';

Door de context van het verhaaltje is de betekenis duidelijk en kan de juiste spelling gekozen worden.

De oefening behandelt deze woordenparen:

  • there/their
  • who's/whose
  • were/where
  • then/than
  • to/too
  • of/off
  • he's/his
  • it's/its
Chris Vanderhaegen
Leerkracht

Meld aan of registreer om dit leermiddel volledig te bekijken

Registreren vraagt maar één minuut.
Leraren delen lesmateriaal en -inspiratie met jou
  • gratis lesmateriaal;
  • voor alle leeftijden en vakken;
  • makkelijk doorzoekbaar op lesonderwerp.
Registreer   Veilig en gratis
Je bent al lid? Meld aan
Niveau en vak
aso 2e, 3e graad
bso 3e graad
kso 3e graad
tso 3e graad
Engels
secundair volwassenenonderwijs
Engels
Info
Downloadbaar lesmateriaal
Bijgewerkt: 01-09-2010
Categorie
Klasactiviteit (taak, oefening in de klas)
Trefwoorden
confused wordsconfusing wordshe'shisit'sitsoffschrijffoutspelfoutspellingthantheirthentheretotooverwarrende woordenwerewherewho'swhosetalen

Ontdek ook