Noemvorm, stam en persoonsvorm

De leerlingen lezen de zinnen aandachtig en vullen de verschillende werkwoordsvormen in. De volgende werkwoorden komen o.a. aan bod: slapen, ademen, snurken, worden, weten, kosten, snijden, schrijven, uitschelden, braden.

jochen tack
Leerkracht, ICT-coördinator

Meld aan of registreer om dit leermiddel volledig te bekijken

Registreren vraagt maar één minuut.
Leraren delen lesmateriaal en -inspiratie met jou
  • gratis lesmateriaal;
  • voor alle leeftijden en vakken;
  • makkelijk doorzoekbaar op lesonderwerp.
Registreer   Veilig en gratis
Je bent al lid? Meld aan
Niveau en vak
lager 3e, 4e leerjaar
NederlandsICT
Info
Interactieve oefening
Gepubliceerd: 24-03-2011
Nummer: 29068
Categorie
Invuloefening
Trefwoorden
ademenbradenkostennoemvormpersoonsvormschrijvenslapensnijdensnurkenstamtaalbeschouwingtalsystematiekuitscheldenwetenwordentalen