Werkzaamheden in en rond huis

De leerlingen noteren de tegenwoordige tijd van het werkwoord. De volgende werkwoorden komen aan bod: arbeiten, räumen, gießen, tragen, liegen, lesen, schlafen, tragen, machen, tun, aufräumen, tapezieren, telefonieren, spülen, abtrocknen, hüten, einrichten, kochen, putzen, waschen, bügeln, sich unterhalten, mähen, steigen, heizen.

Hilde De Vaere
Leerkracht

Meld aan of registreer om dit leermiddel volledig te bekijken

Registreren vraagt maar één minuut.
Leraren delen lesmateriaal en -inspiratie met jou
  • gratis lesmateriaal;
  • voor alle leeftijden en vakken;
  • makkelijk doorzoekbaar op lesonderwerp.
Registreer   Veilig en gratis
Je bent al lid? Meld aan
Niveau en vak
aso 2e, 3e graad
Duits
secundair volwassenenonderwijs
Duits
Info
Interactieve oefening
Gepubliceerd: 09-06-2011
Categorie
Invuloefening
Trefwoorden
abtrocknenarbeitenaufräumenbügelneinrichtengießengrammaticaheizenhuishütenkochenlesenliegenmachenmähenputzenräumenschlafensich unterhaltenspülensteigentaalbeschouwingtapezierentegenwoordige tijdtelefonierentragentunwaschentalen